Mijn leven als tienermoeder deel 34

mama en yennity
Elke dag wanneer Giovanni ging werken, was ik druk bezig met het huishouden en het zorgen voor mijn dochter. Dat was best een klus hoor. Dat verwacht je misschien niet, maar je bent constant druk met van alles en nog wat. En niet te vergeten mijn grote rugzak met nare gedachten van de afgelopen tijd die afentoe ook even open werd getrokken zonder dat ik dit wilde. Erge dingen wegstoppen kon ik wel, maar je krijgt er op den duur toch last van.
Ik kon zo intens genieten wanneer ik alleen was met mijn dochter. Haar lekker in badje doen, eten geven, verzorgen en tegen haar kletsen.

Giovanni was weer begonnen met afkicken en had een aantal dagen niet geblowed. Het ging over het algemeen wel oke met hem, want hij was altijd ontzettend opgewekt als hij niet geblowed had. Giovanni was zichzelf niet wanneer hij had geblowed. En wanneer hij een langere tijd niet rookte, voelde hij zich neerslachtig en kwamen er bepaalde gevoelens naar boven die hij onderdrukte door opnieuw te gaan blowen. Dat was als het ware zijn overlevingsmechanisme om om te gaan met nare gevoelens die hij had opgelopen door nare dingen die hij mee gemaakt had.

Een paar dagen later vond ik een zakje wiet onder zijn kleding en besloot het te verstoppen. Toen Giovanni op een avond terug kwam van zijn werk en erachter kwam dat zijn zakje wiet niet  meer lag waar het zou moeten liggen, flipte hij totaal. “Waar is mijn fucking wiet, Lotte? Ik heb fucking 4 dagen niet gesmoked! Beter voor je dat je mij binnen nu en 2 tellen die wiet geeft, ik zweer het!!”
Wauw, ik kan me zijn gezicht nog zo goed herinneren. Alsof hij buiten zichzelf keerde, totaal hopeloos en in paniek. Ik zei dat ik teleurgesteld was en dat ik had gehoopt hij nu toch echt een keer zou stoppen. Ik was opgelucht dat ik het zakje wiet niet in de prullenbak had gedondert, want dan was er nu echt stront aan de knikker.

Lees volgende week verder!

Advertenties

Mijn leven als tienermoeder deel 29

DSCN0021

Ik keek vol trots naar mijn kleine meisje en glimlachte.
Ondanks Giovanni, die momenteel zwaar aan het afkicken was van de joints, voelde ik mij intens gelukkig. Ik zat voor de tweede keer op een roze wolk.
Ik was echt geschrokken van de ravage die de bevalling mijn lichaam had aangericht; ik had een inlegkruis zo dik als een luier en een geleende onderbroek van mijn moeder aan. Ik liep alsof ik flink in elkaar was geslapen en ik mocht absoluut niet alleen naar beneden lopen en had overal begeleiding bij nodig. Ik ben best wel slank, maar ik had een soort kangoeroe hangbuik. Heel apart, ja…

Giovanni was 2 dagen na de bevalling nog steeds bij ons, zonder gerookt of geblowed te hebben. Ik begon het aan hem te merken. Hij was snel opgefokt als Yennity huilde en hij klaagde constant dat hij zo moe was. Wanneer er familie op kraamvisite kwam bleef hij vaak in bed liggen. Zelfs wanneer de verloskundige vroeg of hij wilde helpen opruimen, weigerde hij dat. “Ik ben kapot, ik wil nog even slapen”. Alsof hij de gene was die net een bevalling van meer dan 15 uur achter de rug had… Zucht. Het ergste was dat ik het altijd voor hem opnam. Als hij wilde slapen zei ik tegen de verloskundige dat hij best nog wel even een uurtje mocht blijven liggen.

De derde dag werd het Giovanni te veel. Hij wilde ’s avonds laat naar de coffeeshop om de hoek om sigaretjes te kopen. Hij had enorm nicotine gebrek, zei hij. Op dat moment kwam mijn moeder binnen. Oei, mijn moeder wist alles van Giovanni en alles van wat er tussen mij en hem gebeurd was. Ze geloofde niet dat hij even naar de coffeeshop zou gaan en alleen sigaretjes zou gaan halen. Giovanni, verslaafd aan wiet en aan het afkicken, gaat sigaretjes kopen in de coffeeshop? Yeah right.
“Sorry, ik vind dit geen goed idee. Je bent in mijn huis. Het geeft mij geen fijn gevoel als jij nu naar de coffeeshop gaat en daarna weer bij mij naar binnen komt.”
Ik weet nog goed dat ik het vreselijk vond en niet begreep waar mijn moeder zich mee bemoeide. Maar nu ik er achteraf over nadenk, snap ik haar donders goed. Als mijn dochter later in dezelfde situatie als mij zou zitten, zou ik ook niet willen dat haar verslaafde vriend ’s avonds laat naar de coffeeshop zou gaan en even later zo stoned als een kanarie weer bij mij in huis zou komen en in bed zou kruipen bij mijn dochter.
Giovanni was woest. Hij stormde naar boven mijn kamer in en schreeuwde dat hij terug ging naar Utrecht. Arme baby Yen, zo klein als ze was, had heel wat geschreeuw te verduren gehad.
“Dit is niet normaal! Iedereen is fucking helemaal gek geworden! Ik wil godverdomme naar de coffeeshop, ik heb al 3 fucking dagen geen normaal sigaretje kunnen roken! Ik ga Lotte, ik trek dit niet meer! Je moeder is mijn fucking moeder niet!”
Ik denk dat ik nog nooit zoveel heb gehuild in mijn leven als toen. Het was niet eens huilen, het was krijsen. Heel hysterisch en totaal in paniek. Ik denk dat het de druppel was, ik had me zo groot gehouden. Ik had het zó vaak voor hem opgenomen en hem geprobeerd te beschermen, wat juist totaal tegenwerkte.
“Je laat mij alleen met de baby! Je bent de vader en moet bij ons blijven!” ik probeerde hem om te praten maar hij was vastberaden. Hij pakte zijn tas en vertrok diep in de nacht richting Utrecht.

Lees de volgende keer verder!